De eerste week zal de uitvloeiing bij de teef groen zijn. In de tweede week wordt deze geleidelijk rood.
Na ongeveer twee weken wordt de uitvloeiing lichter van kleur, en na ongeveer drie weken moet de uitvloeiing voorbij zijn.
Er kan dan nog wel eens een dun sliertje uitvloeiing uit de vulva komen.
Het is beter de teef preventief 1 a 2 dagen voor het spenen te laten vasten.
Een probleem dat gezien wordt bij teven die in verhouding onvoldoende voeding opnemen en een hoge melkproductie hebben, is eclampsie. Dit wordt meestal gezien in de tweede of derde week na werpen, omdat dan de pups het meeste drinken. De teef gaat rillen en kan trillende bewegingen maken en/of een waggelende gang hebben en de temperatuur kan hoog oplopen, tot zelfs 42 graden Celsius. De oorzaak van deze verschijnselen is een calcium tekort; dit dient zo spoedig mogelijk door u dierenarts te worden aangevuld.
Het is belangrijk dat u in dit geval de pups ook direct gaat bijvoeren. Hiervoor zijn kunstmelkproducten in de handel. Tevenmelk is veel geconcentreerder dan koemelk. Koemelk is ook anders van samenstelling en daarom geen goede vervanging voor de tevenmelk. Tevenmelk is bijvoorbeeld vetter en eiwitrijker.
Gewoonlijk kunnen de pups onder normale condities gedurende de eerste drie tot vier weken genoeg melk drinken bij de teef zodat bijvoederen niet nodig is. De geboortegewichten van de pups verdubbelen in ongeveer een week, verdriedubbelen in twee weken en na drie weken hebben ze het viervoudige van het geboortegewicht.
Vanaf vier weken moet men gaan bijvoeren zodat de pups geleidelijk kunnen wennen aan een andere samenstelling van het voer. Vanaf dat moment kunnen de pups zonder hun moeder en heeft de teef haar moederplichten op het fysieke vlak vervuld.